Nog van veel groter belang was het feit dat Henri, als eerste renner, actie ondernam om de macht van de organisatoren en de fabrikanten te verkleinen. Dit had voornamelijk met zijn achtergrond te maken. In tegenstelling tot de meeste andere renners kwamen de Pélissiers uit de wat hogere kringen van de samenleving. Vooral Henri had zich in zijn jeugd door niemand de wet laten voorschrijven, ook niet door zijn ouders (hij liep op zijn 19e van huis weg). Toen hij ouder werd veranderde dit nauwelijks. 'Hij beschouwt elke fabrikant en organisator als zijn vijand' schreef Desgrange, de persoon met wie hij het meest op voet van oorlog stond. Pélissier kon zich deze verhouding om 2 redenen permiteren. Ten eerste omdat hij immens populair was, en en tweede omdat hij gewoon de beste was.
De grootste
bezwaren had Pélissier tegen de lengte van de wedstrijden en etappes.
De gemiddelde lengte van een Touretappe lag i
n
het begin van de jaren 20 rond de 360 kilometer. Pélissier gaf aan
dat Desgrange 'hardheid' met 'verharding' verwarde. Zo zou de Tour een
wedstrijd worden voor 'werkpaarden', waarmee hij de Belgische coureurs
bedoelde, in plaats van voor de 'raspaarden', waaronder hijzelf. In 1919
en 1920 stapte hij uit ontevredenheid al na enkele Touretappes af, in 1921
en 1922 deed hij helemaal niet mee. In 1927 gaf Desgrange gehoor aan zijn
oproep en de gemiddelde etappelengte daalde tot 225 kilometer. Alleen was
de carrière van Henri toen al lang over zijn hoogtepunt heen.
Toch zou Pélissier
de Tour nog een keer winnen. Volgens de legende stond hij in 1923 alleen
aan de start, omdat 'zijn eergevoel was gekrenkt door Desgrange die had
gezegd dat Henri te oud was om de Tour nog te winnen'. De werkelijke reden
was een andere. De inmiddels 34-jarige werd er namelijk door zijn werkgever
door gedwongen. Hij had, zoals gewoonlijk weer ruzie gehad met zijn baas,
Maisonnas, directeur van J.B.
Louvet. Deze had namelijk een contract afgesloten met de Galeries
Lafayette voor sponsoring van de volgwagen van J.B. Louvet. Deze was
nu zo traag, dat Francis in Bordeaux – Parijs
minuten verspeelde toen hij pech kreeg en de eerste plaats verloor. De
Pélissiers namen ontslag en werden door Automoto
aangenomen, op voorwaarde dat ze de Tour zouden rijden. Mede dankzij een
sterke ploeg en een aantal duistere incidenten, waaronder de vergiftiging
van de winnaar van 1921, Léon Scieur,
wist Henri Pélissier, als eerste Fransman sinds 1911, de Tour te
winnen.